In zijn promotieonderzoek richt Boy van Droffelaar zich op de effecten van wildernistrails op leiderschapsontwikkeling. Het onderzoek bestaat uit drie delen: (a) hoe kijken deelnemers terug op de trail, (b) wat is het effect op hun leiderschapsgedrag en (c) wat doen ze ermee in de praktijk. Van de eerste twee onderzoeken zijn inmiddels artikelen gepubliceerd in gerenommeerde wetenschappelijke tijdschriften, Leadership & Organisation Development Journal en Journal of Leadership Studies. Het derde onderzoek wordt hopelijk binnenkort gepubliceerd.

Uit de kwalitatieve analyse van bijna honderd trailverslagen  kwam in de eerste studie naar voren, dat inzichten uit piekervaringen tijdens de trail gekarakteriseerd worden door verhoogd zelfbewustzijn,  besef van eigen kernwaarden, belang van verbinding en het zijn in het hier en nu. De ontstane inzichten bij de deelnemrs leidde tot intenties om het toekomstige leiderschapsgedrag te veranderen. Deelnemers namen zich voor zelfbewuster te leven, regelmatig stil te staan bij hun moreel kompas, hun  kwaliteit van luisteren te verbeteren en meer open te zijn in het uiten van hun gevoelens. Deze intenties blijken vrijwel een-op-een te resoneren met de componenten van authentiek (lees: natuurlijk) leiderschap.

De vier componenten van authentiek leiderschap zijn zelfbewustzijn, geïnternaliseerd moreel gedrag, gebalanceerde verwerking van informatie en relationele transparantie. Zelfbewustzijn heeft betrekking op het kennen van eigen sterktes en zwakten (“Ik weet wie ik ben”), geïnternaliseerd moreel gedrag slaat op het vasthouden aan het eigen moreel kompas (“Hier sta ik voor”), met gebalanceerde verwerking van informatie wordt bedoeld het luisteren zonder oordeel naar alle stakeholders (“Ik luister met open mind en hart”) en relationele transparantie duidt op het zeggen wat je denkt en voelt (“Ik kies voor kwetsbare opstelling”).

De tweede, kwantitatieve, studie (n=66) testte longitudinaal intra-persoonlijke verandering naar authentiek leiderschap vooraf, onmiddellijk na, en 1 jaar na het trainingsprogramma. Alle componenten van authentiek leiderschap bleken te zijn toegenomen met middelgrote tot grote effectgroottes (d ≈ .7). Wijzigingen in algemene persoonlijkheidskenmerken waren van een lagere effectgrootte, wat suggereert dat verandering specifiek was voor authentiek leiderschap, in plaats van verandering van algemene psychologische kenmerken. De bevindingen tonen aan dat een op de natuur gebaseerd programma authentiek leiderschap kan vergroten.

De derde studie omvat een kwalitatieve analyse van 36 interviews met oud-trailgangers  die gemiddeld 6 jaar geleden op trail waren geweest. De resultaten suggereren dat herinneringen (“episodic memories”) aan wilderniservaringen een blijvende positieve invloed hebben op het leiderschapsgedrag. Met name in werksituaties waarbij sprake is van gespannenheid, stress en zware uitdagingen spelen de herinneringen een belangrijke rol. Met andere woorden, op momenten die ertoe doen geven de episodische herinneringen hen steun en richting. De herinneringen komen in sommige gevallen vrijwel dagelijks naar boven. Bovendien geven de episodische herinneringen van de geïnterviewden aanleiding tot blijvende transformatie van leiderschapsgedrag. Er heeft een wezenlijke verschuiving in hun bewustzijn plaatsgevonden. Daarnaast ervaren ze meer gemoedsrust, verhoogd zelfvertrouwen en grotere onderlinge verbondenheid. In hun organisaties heeft dit volgens de deelnemers geleid tot vergroting van onderling vertrouwen, meer aandacht voor persoonlijke ontwikkeling, en hoger engagement met het grote geheel.

Boy hoopt in de loop van dit jaar het onderzoek af te ronden met de verdediging van zijn proefschrift aan Wageningen University & Research.

 

 

 

Back to overview